Uitgeverij Dulce et Decorum Wie in Nederland iets wil lezen over de Eerste Wereldoorlog kan putten uit een groeiende hoeveelheid in het Nederlands vertaalde non-fictieboeken. Vertaalde fictie is echter minder voorhanden. Uitgeverij Dulce et Decorum wil in deze leemte voorzien …. Meer lezen

Aanbieding ter gelegenheid

van de uitgave van deel 14

van de Bibliotheek

van de Eerste

Wereldoorlog ...

 

Voor slechts € 20,00 (voor Nederland geen verzendkosten) kiest u 3 van de eerste 8 delen. Deel 6, Witte zwanen, zwarte zwanen van Jennifer Johnston, is alleen in de aanbiedingsdoos te krijgen.

Dit is dé gelegenheid om kennis te maken met de schitterende boeken van de Bibliotheek van de Eerste Wereldoorlog.

AANBIEDING:

klik op de afbeelding

 

De Bibliotheek van de Eerste Wereldoorlog

De meest bijzondere romans, verhalen, dagboeken en memoires worden vertaald en uitgegeven onder de noemer van De Bibliotheek van de Eerste Wereldoorlog. 

William March – Compagnie K 

Dalton Trumbo – Stiltewoorden  

Paul Alverdes – Het Fluitersvertrek 

Thomas Boyd - Door het koren

Francis Brett Young - Mars op Tanga

Jennifer Johnston - Witte zwanen, zwarte zwanen 

E.E.Cummings - De Enorme Zaal

Harry Oltheten - Dauw

De Oorlogsherinneringen van Frank Richards, 1914-1918 

James Hanley - De Duitse gevangene / Passie in het aangezicht van de dood

E.P.F.Lynch - Modder van de somme

Bob Latten - Poststempel Verdun

Fritz von Unruh - Offergang

R.H.Mottram - De Spaanse Hoeve
Meer lezen

Bestellingen:

U kunt bestellen door een e-mail naar de uitgeverij te sturen [info@dulce-et-decorum.nl]. U krijgt dan een e-mail terug met de betalingsgegevens. 

Modder van de Somme - een fragment

We gaan weer een bos in, met meer vijandelijke geweren. Twintig Duitse schutters geven zich over, dus vechten hoeven we even niet. Vlakbij wappert een witte vlag. We rennen ernaartoe en zien een Duitse officier, een dokter in zijn hemdsmouwen, die zich druk in de weer is om zo’n veertig gewonden te verzorgen. We laten ze achter en haasten ons verder.

Weer een bos, nu aan onze rechterkant. Zes van de onzen rennen erin. Vijandelijke granaten veranderen het bos in een hel van vlammen, stof en rook. De kleine, stakerige bomen lijken gelanceerd te worden door het geweld van ontploffende granaten. Vier van onze mannen vliegen tussen de bomen vandaan en roepen hard, terwijl zij naar het bosje wijzen dat ze net hebben verlaten.

Twee dragers rennen er met een brancard naartoe. Zonder ook maar een moment te aarzelen stormen ze richting het hellevuur dat nog maar een paar minuten geleden een vredig, groen bosje was. De twee dragers laten zich door niets weerhouden en rennen door te midden van gruwelijke granaatexplosies. Ze bevinden zich in een inferno van rook, rondvliegende aardkluiten en gillende granaatscherven. We kijken hoe die twee dappere mannen hun ongeluk tegemoet gaan in een poging om een paar gewonde mannen te redden die naar alle waarschijnlijkheid al dood zijn. Een granaat heeft het op hen gemunt! De grote explosie lijkt van onder hun voeten op te flitsen!

‘Hij heeft ze te pakken!’ En de twee dragers worden meters de lucht in geblazen door de ontploffing.

‘Ze zijn er geweest!’

Nee, ze staan weer op hun benen en zoeken naar hun brancard. Ze gaan verder het bos in. Recht op het verschrikkelijke granaatvuur af. Niemand kan daar overleven. De dragers verdwijnen in het door granaten omwoelde bos. We hebben geen hoop.

‘Daar komen ze!’ Als twee dronken kerels doorbreken ze wankelend het rookgordijn. Ze slingeren van de ene naar de andere kant, en tussen hen in dragen ze hun brancard met een gewonde erop! We zien hoe de dragers hem, een eindje van het bos af, op de grond leggen.

‘Ze gaan weer terug!’

‘Jezusmina, dat is lef!’ En alsof er niets aan de hand is, gaan de twee dragers opnieuw het bos binnen, in volle sprint! We zien hoe ze de helse vlammenzee weer ingaan en hoe ze allebei door de explosie van een enorme granaat neergekwakt worden, maar we zien ook hoe ze weer overeind komen en een paar meter verder wankelen om dan weer tegen de grond te slaan.

Nu zijn ze uit ons blikveld verdwenen achter een muur van kolkende rook, laaiende vlammen en ooorverdovend gebrul. We zijn de hele opmars vergeten en denken niet meer aan de moffen. We hebben alleen nog maar oog voor deze twee dappere mannen. Dan klinkt een emotionele kraakstem: ‘Mijn God! Ze komen naar buiten!’ Twee silhoueten steken af tegen het rookgordijn en de twee vage figuren van onze dragers breken er wankelend doorheen terwijl ze hun brancard vastberaden in hun handen houden. Ze hebben hun man! De tweede man! Ze zijn nu buiten gevaar en laten dan de brancard zachtjes zakken. Dragers, even zachtaardig als dapper. We hebben de laatste paar minuten iets gezien om over na te denken.

Verder, nog steeds in het voetspoor van de barrage. We schieten behoorlijk op terwijl we onderweg heel wat Duitsers met hun geschut buitmaken.

Dulce et Decorum - Bibliotheek van de Eerste wereldoorlog nieuwsbrief

Blijft op de hoogte: